AfdrukkenE-mail

De Nestorkring richt de blik op het maatschappelijk middenveld

Conferentie Nestorking: 6 oktober 2010 in het Centraal Museum te Utrecht

Dit jaar bestaat de Nestorkring 20 jaar. Dat moet gevierd worden! Het bestuur van de Nestorkring bedacht een bijzondere manier om stil te staan bij dit jubileum. De nestoren én hun klanten werden uitgenodigd voor een jubileumconferentie over een actueel en relevant onderwerp: de toekomst van het maatschappelijk middenveld.

Het is 6 oktober, een zonnige woensdagmiddag. In de refter van het middeleeuwse Agnietenklooster in hartje Utrecht komen zo'n veertig nestoren en dertig vertegenwoordigers van maatschappelijke organisaties bij elkaar. Het is een sfeervolle locatie met een rijke historie. Een uitgebreide lunch staat voor de deelnemers klaar. Er is voldoende tijd om oude banden aan te halen en kennis te maken met andere nestoren en mensen uit het werkveld. Velen kennen elkaar al, en de sfeer is informeel en ongedwongen.

Welkomstwoord

"Het is 20 jaar geleden dat de Nestorkring werd opgericht. In de loop der jaren hebben wij heel veel mensen mogen coachen en adviseren. Nu, bij ons vierde lustrum, vonden we het aardig om behalve nestoren ook klanten uit te nodigen." Met deze woorden opent voorzitter Cees Stal de bijeenkomst. Het wordt een dag van luisteren, discussiëren, uitwisselen en adviseren, kondigt hij aan. Doel is om zich gezamenlijk te verdiepen in het maatschappelijk middenveld en te komen tot nuttige strategische adviezen voor scholen, welzijnsorganisaties, ziekenhuizen, verenigingen en stichtingen. "Op die manier leren we van elkaar. Daar worden we allen wijzer van", merkt Stal op.

Graancirkels in het middenveld

In hun presentatie 'Graancirkels in het middenveld' schetsen Marike Kuperus en Dedan Schmidt actuele trends waar maatschappelijke organisaties mee te maken hebben en gaan ze kort in op de uitdagingen waar deze organisaties voor staan in de periode tot 2020. Beiden zijn ervaren adviseurs die onder andere bij Berenschot hun sporen verdiend hebben. Zij kunnen geen pasklare antwoorden geven, maar wel orde in de chaos aanbrengen en een aanzet geven voor de discussie. In hun duopresentatie komen drie thema's aan bod: als eerste 'achterban en samenleving', daarna 'markt en concurrentie' en tot slot 'de overheid als financier en opdrachtgever'.

Achterban en samenleving

Het land is in beweging, en maatschappelijke organisaties hebben een centrale positie in deze ontwikkeling. Veel organisaties in het middenveld stammen nog uit de tijd van de verzuiling. Nu leven we echter in de tijd van het 'Dikke Ik', een term die verwijst naar verregaande individualisering. Mensen zijn trots op hun eigen lifestyle, zoeken gelijkgestemden op. Verschillen worden niet meer verdoezeld, maar juist gecultiveerd. Mensen willen erkenning voor de eigen lifestyle, of het nu Haagse schoffies of Gooise vrouwen zijn. De achterban van de maatschappelijke organisaties is niet meer volgzaam en eenvormig, maar wil als individu worden aangesproken. Social networks als Twitter en LinkedIn spelen slim in op deze trend. Men stelt zich op als consument en is minder trouw aan een bepaalde signatuur. Om de achterban te blijven boeien is een onconventionele en creatieve aanpak nodig.

Markt en concurrentie

Mondige klanten, kritische consumenten: de markt is overal. Ook maatschappelijke organisaties ontkomen niet aan een vorm van marktwerking. Zij moeten klantgericht gaan opereren. Tegelijkertijd betreden bedrijven het middenveld: zij gaan 'maatschappelijk verantwoord ondernemen' of ze zien het middenveld als een interessante markt. In politiek en media ligt veel nadruk op Nederland als kenniseconomie. Maar wat betekent dit voor mensen die vooral met hun handen werken, voor mensen die met mensen werken, bijvoorbeeld in de zorg? Is hun werk dan niet waardevol en belangrijk? De focus op kennis sluit grote groepen mensen uit. Een zelfde beeld zien we op het punt van globalisering en innovatie. In de mondiale ratrace zet Nederland in op terreinen waar het land van oudsher sterk in is: water, logistiek, food, de bloemensector. Het nadeel van deze nadruk op economisch innovatieve sectoren is dat het de maatschappelijke sector in de kou zet. Onderwijs, zorg en welzijn worden dan vooral gezien als gebieden die geld kosten. De nadruk ligt op te eenzijdig op kosten en niet op waarde.

De overheid als financier en opdrachtgever

Ooit begonnen als particulier initiatief, zijn maatschappelijke organisaties steeds meer uitvoerders geworden van het overheidsbeleid. En ook de klanten gingen de organisaties beschouwen als een verlengstuk van de overheid. De overheid stelt zich weliswaar op als big brother, maar worstelt tegelijkertijd met die positie. De organisaties zuchten onder alle formulieren, regelingen, normen en eisen. Ze hebben de blik gericht op die machtige opdrachtgever, de bemoeizuchtige overheid. Ondertussen dreigt de eigen achterban een beetje uit beeld te verdwijnen. De vraag is nu: voor wie werk je nu eigenlijk en wie vertegenwoordig je?

Terug naar de basis

Kuperus en Schmidt sluiten hun presentatie af met een aantal aanbevelingen voor het middenveld. "Voor middenveldorganisaties is het in deze tijden verstandig om terug te gaan naar de basis. Er is dan ruimte om nieuwe legitimiteit te zoeken en een stevige verankering voor de toekomst te vinden", zegt Kuperus. "Intensief contact met de achterban, communicatie en keuzevrijheid, zodat de achterban voor verschillende arrangementen of lidmaatschapsvormen kan kiezen, zijn belangrijk om de gewenste verankering te realiseren. Daarnaast is een gezond business model ook voor non profit-organisaties een must."

Levendige discussies in kleine groepen

Het gezelschap gaat nu in kleine groepen van vijf tot zeven deelnemers uiteen om over de thema's te discussiëren. Na een rondje voorstellen komt al snel het gesprek op gang. Er is veel herkenning: ieder heeft in zijn of haar eigen rol wel te maken gehad met de bemoeizuchtige overheid, met het Dikke Ik of met marktwerking. Her en der wordt gesproken over legitimering en de link met de achterban. Maar er worden ook kanttekeningen geplaatst en sommige deelnemers willen het in de presentatie geschetste beeld graag nuanceren of uitdiepen. Bijzonder is daarbij de interactie tussen de nestoren en de mensen uit het werkveld.

Kort en krachtig

Deze levendige discussies monden uit in een reeks hartekreten, adviezen, stellingen en aanbevelingen, die door Kuperus en Schmidt snel worden verwerkt voor de slotpresentatie. Dat strategisch advies ook kort en krachtig kan zijn, wordt nu bewezen. De opdracht is namelijk om geen lange teksten te maken, maar per advies niet meer dan 140 tekens te gebruiken. Dit is het maximum aantal tekens in een sms of een 'tweet'. Het levert een verzameling scherpe en verrassende zinnen op, die tijdens de presentatie ervan direct een stroom reacties uit de zaal uitlokken. Het is duidelijk: de deelnemers zouden hier nog uren over door kunnen praten… Alle tweets van de conferentie zijn terug te vinden op Twitter via @nestorkring. Hieronder volgen de meest spraakmakende tweets:

  • Stimuleer de vraag van de eindgebruikers, dan komt ook de binding terug.
  • Maak je als organisatie minder tot niet afhankelijk van de overheid.
  • Maatschappelijke organisaties moeten de markt zien als achterban en de achterban als markt.
  • Vraag je eens per twee jaar af: wat zou er gebeuren als we niet meer bestaan?
  • Wie zich niet onderscheidt, moet zich opheffen.
  • Schoenmaker blijf bij je leest: laat de professionals in het middenveld hun werk doen zonder dichtgetimmerd protocol, maar binnen randvoorwaarden.
  • Bezuinigingen prikkelen organisaties tot creativiteit, ondernemerschap en professionaliteit.

Cabaret: bla bla bla voor beginners

De conferentie besluit met een lach. De uitsmijter is een korte, interactieve voorstelling over communicatie. Met grappige anekdotes en prikkelende vragen voert Kim Goedegebure het gezelschap terug naar de basis, naar de kern van het contact. Dat is de filosofie achter 'Bla bla bla voor beginners'. Met haar scherpe humor laat ze zien waar het in de communicatie eigenlijk om draait: openstaan voor anderen. Bijvoorbeeld door eens te reageren met: "Ah, vertel eens…!"

Afsluiting

In de sfeervolle kapel staan inmiddels de hapjes en drankjes klaar: het is tijd voor de borrel. Nog even gelegenheid om stoom af te blazen en onderling van gedachten te wisselen over deze enerverende dag. "Het was goed verzorgd, met een boeiend inhoudelijk programma over een thema dat ons aan het hart gaat", stelt een deelnemer vast. "Prima idee om nu ook eens onze klanten uit te nodigen. Dat levert een andere interactie op", voegt een nestor eraan toe. Voorzitter Cees Stal en secretaris Rob de Wal kijken tevreden terug op een geslaagde middag: "We hebben veel positieve reacties gekregen. Zo'n conferentie biedt veel stof tot discussie en stelt een ieder in de gelegenheid om in een informele setting met elkaar in contact te komen", besluit Stal.

ster